Skip To The Main Content

Stapelbaan is de ‘echte baan’ van morgen

08 juli, 2015

Contract voor onbepaalde tijd niet langer de ‘heilige graal’ waar we ons sociaal stelsel aan ophangen.

FNV-voorman Ton Heerts maakt zich sterk voor 'echte banen' voor Nederlandse werknemers.

Heerts richt zijn pijlen op de zogenoemde fragmentatie van de arbeidsmarkt. Die zou leiden tot een tweedeling in de maatschappij. Maar het is eerder het krampachtig vasthouden aan 'echte banen' — en niet de fragmentatie van de arbeidsmarkt — dat tot problemen leidt.

Goed gereguleerde flexibele arbeid is juist hét antwoord op de problemen van vandaag

De fragmentatie van de arbeidsmarkt is niet te stoppen. Digitalisering, robotisering en globalisering maken dat bepaalde vaardigheden en kennis lang niet altijd fulltime beschikbaar hoeven te zijn binnen een bedrijf. 

Deze ontwikkeling leidt ertoe dat werknemers in toenemende mate zullen gaan werken voor meerdere werkgevers. Banen zullen als het ware gestapeld worden. 

Waarom zou een ‘stapelbaan’ geen echte baan kunnen zijn? Er ontstaan nu al nieuwe businessmodellen waarbij dienstverleners gefragmenteerde vraag combineren tot volledige banen. 

Een andere mogelijkheid is dat mensen een dienstverband bij meerdere werkgevers aangaan of bewust kiezen voor een bestaan als zelfstandige zonder personeel (zzp’er). Dit kan zelfs leiden tot stabielere werkgelegenheid. In een goed werkend systeem zijn er immers geen intervalperiodes meer na het ontslag bij de ene werkgever en het opnieuw starten bij de nieuwe baas. 

Toegegeven, deze oplossingen bieden op dit moment vooral uitkomst voor hoger opgeleide professionals. Voor lager opgeleiden en zogenoemde 'blue collar'-werkers dreigt een verzwakte positie op de arbeidsmarkt. De vakbonden hebben zeer zeker gelijk als zij deze dreigende tweedeling aan de kaak stellen. 

Wat hier echter fout gaat is dat deze oplossingsrichtingen een nieuw fenomeen proberen te beantwoorden vanuit een stelsel waarvan de basis is gelegd tijdens de industriële revolutie, uitmondend in de Arbeidswet van 1907. Die wet is een groot goed voor de bescherming van de positie van werknemers. Maar hij is aan revisie toe. 

We moeten accepteren dat het 'onbepaalde tijd contract' niet langer de ‘heilige graal’ is waar we ons hele sociale stelsel aan ophangen. Nu nog zijn pensioenen bijvoorbeeld verbonden aan de werkgever of branche en probeer maar eens een hypotheek te krijgen zonder contract voor onbepaalde tijd. Dit terwijl iedereen beseft dat een vast contract helemaal niet meer zo vast is. Wie houdt wie voor de gek met deze schijnzekerheid?

De vakbonden richten hun pijlen op flexibel werk, in hun retoriek zo’n beetje de bron van alle kwaad. Feit is dat werkgevers maatwerk zoeken en zich steeds meer afkeren van collectieve oplossingen. Krampachtig vasthouden aan klassieke cao’s, contractvormen en het beperken van flexibele arbeid werkt ontduiking van regelgeving in de hand. Het werkt averechts, werknemers zijn er de dupe van. Goed gereguleerde flexibele arbeid is juist hét antwoord op de problemen van vandaag. 

Maar alleen als de overheid en sociale partners terug naar de tekentafel gaan. Laten we samen de definitie van wat een ‘echte baan’ is herschrijven en fundamentele wijzigingen doorvoeren in ons sociale stelsel. Alleen dan zorgen we voor een goede concurrentiepositie van Nederlandse bedrijven en beschermen we kwetsbare groepen werknemers.  Alleen dan voorkomen we die maatschappelijke tweedeling die niemand wenst. 

Dit artikel verscheen in Het FD op donderdag 23 april 2015.

Copyright 2014 USG People